Niet kerende grondbewerking spaart bodemleven ?

De bodem en haar bodemleven is voor ons als vollegrond kwekers van groot belang, wij zijn er afhankelijk van. Door verkeerd of onzorgvuldig gebruik te maken van de bodem kunnen we haar uitputten. Heel het bodemleven hangt aan elkaar van organismen, van eten en gegeten worden. Gevoelige organismen sterven af, waar andere organismen weer van afhankelijk zijn, bijvoorbeeld omdat het hun als voedsel dient. Door kunstmest en gebruik van bestrijdingsmiddelen raakt het bodemleven uit balans en wordt het aangetast. Verschillende organismen leven in verschillende lagen in de grond. In de bovenste laag is bijvoorbeeld meer zuurstof beschikbaar dan in dieper gelegen lagen. Organismen die veel zuurstof nodig hebben zullen niet kunnen gedijen in een minder zuurstofrijke laag. Door kerende grondbewerking toe te passen komen dus organismen op plekken in de grond waar ze niet horen met als gevolg dat ze afsterven. Ook meststoffen die ontstaan uit vertering van organisch materiaal kunnen door kerende grondbewerking op plekken komen waar ze niet als voeding van de plant dienen. Door organisch materiaal uit dieper gelegen grondlagen omhoog te spitten komt het in een meer zuurstofrijke omgeving, waardoor ook vertering van organisch materiaal sneller gaat dan je zou willen. Het eerste gevolg kan zijn dat het gewas mooi groeit door (extra) vrijkomende meststoffen, maar op termijn wordt het organisch materiaal in de grond versneld afgebroken, met als gevolg inklinken van de grond en extra uitstoot van CO₂.

Niet elke grond is hetzelfde. Hoe om te gaan met de grond is dus logischerwijze afhankelijk van de samenstelling van de grond. De snelheid waarin grond zich kan herstellen, na bijvoorbeeld een (kerende) grondbewerking, is ook afhankelijk van de samenstelling van de grond. Met name de hoeveelheid aanwezige organische stof is bepalend of het bodemleven voldoende voeding heeft en kan zorgen dat de bodem weer kan herstellen. De (Boskoopse) veengrond, waar wij op mogen kweken, heeft een percentage organische stof van gem. 25%. De gehele teeltlaag bestaat uit veengrond. De mogelijkheid tot herstel is dan vaak geen probleem. Toch kan op langere termijn de grond uitgeput raken. Navraag bij collega-kwekers en loonwerkers gaf geen helder antwoord op de vraag of een niet-kerende grondbewerking wel of niet zinvol is op onze grond. Maar ook of dit werkbaar is en hoe het zit met de onkruid druk zijn voor ons vragen die van belang zijn. Als proef willen we kijken of een niet-kerende grondbewerking (NKG) voor ons zinvol kan zijn. We gebruiken een recht woelmes, aangetrokken door een lier, zodat we ook niet met een trekker het land op hoeven. De draagkracht van onze veengrond is gering, dus proberen we zo min mogelijk met machines op het land te komen.

Wij zijn benieuwd naar het resultaat van de voor ons nieuwe manier van grond bewerken. Heeft u ervaring met niet-kerende grondbewerking? Wij zijn benieuwd naar uw resultaat. U kunt uw ervaring delen via een berichtje hieronder.

Dit bericht is geplaatst in berichten. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *